student institute of peace- and security issues                       

Lezing: ‘De werkwijze van inlichtingendiensten’

the-informant4.jpg

Door Wladimir van Wilgenburg - Giliam de Valk is gespecialiseerd in inlichtingen- en veiligheidsstudies en in militaire strategie en geeft les aan de Universiteit van Amsterdam en Utrecht. Stichting JASON nodigde hem uit op 22 maart om meer te vertellen over hoe je een moordaanslag kunt overleven en hoe je kunt infiltreren in een terroristische organisatie.

Studenten blijven leven
“Wie van jullie verslaapt zich wel eens?” vroeg De Valk aan het publiek, waarop veel studenten hun hand opstaken. “Jullie blijven leven!”

De Valk concentreerde zich op drie onderwerpen: contra-inlichtingen (hoe ga je inlichtingenvergaring van een opponent tegen), operational security (hoe hou je een operatie geheim en veilig) en contraterrorisme (hoe vecht je tegen terroristen). Hij had het hier over het beschermen van je eigen veiligheid, het infiltreren van de opponent en het praktijkwerk, zoals de neutralisering van terroristische groeperingen.

80% van aanslagen in de ochtend
Hij begon met contraterrorisme. “U zit in het buitenland, maar hoe moet u uzelf beschermen.” Volgens de Valk begint 80% van de ellende bij verplaatsing, 20% thuis en daarvan 80% bij je huis en 20% thuis, want thuis ben je het meest voorspelbaar. 80% van de moordaanslagen vindt plaats in de ochtend en 20% in de avond, want in 's ochtends ben je het meest routinematig. Behalve als je je weleens verslaapt, zoals studenten.

Een kernelement bij aanslagen zijn de zogenoemde choke points, plekken die je altijd moet passeren om van A naar B te komen. De Nederlandse soldaten in Uruzgan hebben bijvoorbeeld pech: er is maar één weg, dus de hele weg is een choke point. “Dus als je bang bent voor gevaar, neem dan altijd alternatieve routes,” gaf De Valk als tip.

Massagesalons om de IRA te bestrijden
Daarnaast ging hij in op contra-inlichtingen met als doel de wil van de opponent om de strijden te breken. Hierbij richt contra-inlichtingen zich op drie elementen: 1. Identificatie, 2. Penetratie en 3. Neutralisatie. Als voorbeeld gaf hij de strijd van de Britse inlichtingendienst tegen de IRA, die wasserettes en massagesalons inzette om de IRA te bestrijden.

In de massagesalons waren de IRA-kopstukken namelijk losmondig door op te scheppen tegenover de masserende vrouwen, die eigenlijk werkte in een salon gerund door de Britse inlichtingendienst. De MI5 gebruikte ook wasserettes in Ierland om kruitsporen op te sporen van IRA-leden en wist hierdoor veel aanslagen te voorkomen, totdat de wasserettewagen werd opgeblazen.

OPSEC is boekhoudwerk
Ten slotte had De Valk het over meeste saaie element van het inlichtingenwerk: OPSEC (operationele veiligheid). “Hiervoor moet je een boekhouder zijn”. OPSEC houdt in dat je je eigen operaties zo goed mogelijk afschermt. Dit doe je door te analyseren wat voor de opponent interessant is, daarna te kijken wat jezelf vindt dat geheim gehouden moet worden en vervolgens moet er naar de eigen zwakheden worden gekeken (bijvoorbeeld communicatie).

Het ging bij Hezbollah bijvoorbeeld verkeerd op Valentijnsdag in 2005 op het gebied van communicatie. Toen een team van Hezbollah de Libanese premier vermoordde, had één van de moordenaars tijdens de voorbereiding met een speciaal daarvoor gekocht mobieltje zijn vriendin gebeld. Hierdoor werd duidelijk dat Hezbollah achter de aanslag zat.

Loose lips might sink ships
Om de veiligheid van operaties te vergroten is de Taliban overgegaan op postduiven. Het slordig omgaan met mobiele telefoons is namelijk vaak een bedreiging voor het succes van een operatie. Een ander probleem is internet: veel gevoelige informatie wordt zonder nadenken op internet gezet. Ook in Nederland, zoals draaiboeken van crisisteams. Het oude credo loose lips, might sink ships geldt nog steeds.

De twee uur durdende lezing werd uiteindelijk verder besproken onder het genot van een biertje in het café. Daar bleven de lippen waarschijnlijk niet gesloten.