student institute of peace- and security issues                       

Bezoek aan het Internationaal Gerechtshof

vredespaleis.gif

Door Laura Bianchi - Op vrijdag 19 maart bracht Stichting JASON een bezoek aan het Vredespaleis, het ‘hart van het internationale recht’ zoals de website vermeldt. Het Internationaal Gerechtshof, het Permanent Hof van Arbitrage, de Bibliotheek van het Vredespaleis en de Haagse Academie van Internationaal Recht zijn er gevestigd.

In het Vredespaleis in Den Haag heerst op 19 maart letterlijk een vredige sfeer. In het gebouw, waar onder meer geschillen tussen staten worden beslecht, zijn in de verste verte geen rechters, advocaten of vertegenwoordigers uit het buitenland te bekennen. Kortom, geen enkele associatie met een rechtbank waar partijen tegenover elkaar staan en hun belangen verdedigen. Er is alle tijd en rust om twintig studenten rond te leiden.

In een ingelegd kunstwerk in de marmeren vloer bij de ingang van het paleis zijn de woorden ‘Sol justitiae illustra nos’, oftewel ‘Zon der gerechtigheid, beschijn ons’ te lezen. We wandelen door de grote rechtzaal naar de naastgelegen ruimte waar we zullen worden bijgepraat over de taken van het Internationaal Gerechtshof. We lijken even terug te gaan in de tijd, naar 1913 toen het Vredespaleis haar deuren opende. De statige ruimte doet denken aan de regentenkamer in het Amsterdams Historisch Museum. Een houten vloer, de wand is deels van hout en deels voorzien van behang van een paarse stof, het plafond is hoog. We nemen plaats op houten, bewerkte stoelen aan de lange tafel met rood tafellaken. Aan het hoofd zit Andreï Poskakoukhine, eerste secretaris van het Gerechtshof en hoofd van de afdeling voorlichting. Hij is van Russische komaf, werkt al jarenlang in Den Haag en vertelt met een zwaar Russisch accent over de geschiedenis en de werking van het Hof.

Het Internationaal Gerechtshof (International Court of Justice ICJ) is een van de zes hoofdorganen van de Verenigde Naties en geldt als het belangrijkste gerechtelijk orgaan binnen de VN. Het Hof houdt zich bezig met ‘het, in overeenstemming met internationaal recht, beslechten van geschillen die worden voorgelegd door staten’ en ‘het uitbrengen van adviezen over rechtsvragen die worden voorgelegd door organen en gespecialiseerde organisaties van de VN’.
Poskakoukhine vindt het Internationaal Gerechtshof zeer effectief. Staten moeten gezamenlijk een zaak voorbrengen. Er is dan bij beide staten de wil om tot overeenstemming te komen. Als een staat zich niet tot het ICJ wil wenden, liggen daar vaak politieke redenen aan ten grondslag. Het zijn overigens niet alleen de rijkere landen die een juridische procedure in gang kunnen zetten. Voor staten die geen geld hebben voor advocaten, is een speciaal fonds beschikbaar.
Sinds de oprichting in 1946 heeft het Hof 102 gerechtelijke uitspraken gedaan en 24 adviezen uitgebracht. De onderwerpen waar de rechters zich over hebben uitgesproken hebben onder meer te maken met onenigheid over grenzen, het gebruik van geweld en diplomatieke betrekkingen. De adviezen gaan voornamelijk over de internationaal juridische status van de Verenigde Naties, de status van bepaalde VN-experts en de legitimiteit van de dreiging met of het gebruik van nucleaire wapens.

In het Vredespaleis zijn talloze beelden en afbeeldingen van Vrouwe Justitia te zien. Onder de rechters die zich over de zaken buigen, zijn vrouwen echter in de minderheid. Aan de portretten aan de wand te zien is slechts een vrouw President van het Hof geweest. Dat is de Britse juriste Rosalyn Higgins. Zij was van juli 1995 tot februari 2009 aan het Hof verbonden en van februari 2006 tot februari 2009 vervulde zij het Presidentschap. Een vrouw met een imponerende carrière in het internationaal recht. Ze kreeg daarom vorig jaar de ‘The Hague Prize for International Law’ van burgemeester Van Aartsen van Den Haag.
Er zijn vijftien rechters met verschillende nationaliteiten aan het Hof verbonden. De huidige President is Hisashi Owada uit Japan en de Vice-President is Peter Tomka uit Slowakije. De overige rechters zijn afkomstig uit onder meer Sierra Leone, de Verenigde Staten, Marokko en Brazilië. Rechters worden gekozen door de Veiligheidsraad en de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

Na de uitleg over het ICJ volgt er een rondleiding door de bibliotheek, waar alle boeken en rapporten op het gebied van internationaal recht te vinden zijn, en het Vredespaleis. De nadruk ligt op de gezamenlijke inspanning van de verschillende staten om een imposant paleis in Den Haag te vestigen. Alle staten hebben delen van de bouw en de inrichting geschonken. Zo is de (vijf hectare) grond waarop het paleis is gebouwd een Nederlandse gift. De entreehekken komen uit Duitsland. Italië leverde marmer voor de zuilen en pilasters en Thailand schonk onder meer twee ivoren slagtanden (het ivoor leverde even wat gefronste wenkbrauwen op).
Aan het einde van het bezoek aan het paleis is het goed voorstelbaar dat een schrijver aan het begin van de twintigste eeuw zou hebben geschreven dat het een droompaleis voor de wereldvrede is, ‘even machtig en grootsch als de idee van den wereldvrede zelve’.