student institute of peace- and security issues
student institute of peace- and security issues
Door Paul Steens - Het streven van de Olympische Beweging naar het wereldwijd staken van gewelddadige conflicten voor de duur van de Olympische Spelen is het laatste decennium onder druk komen te staan. Toch moet het Internationaal Olympisch Comité (IOC) zich blijven inzetten voor mondiale vrede tijdens de Spelen. Deze non-gouvernementele sportorganisatie heeft in het verleden getoond in staat te zijn diplomatieke doorbraken te forceren. De Olympische Spelen in Vancouver zijn daarvoor een nieuwe kans.
In de nacht van 7 op 8 augustus 2008 sloeg op de Kaukasus de vlam in de pan. Na maanden van oplopende spanningen in de regio startte het Georgische leger een offensief tegen Russische opstandelingen in Zuid- Ossetië. Het Russische leger sloeg de aanval van Georgië af en militairen drongen diep het land binnen, om hun tanks net voor de Georgische hoofdstad Tbilisi tot stilstand te brengen.
Luttele uren na het begin van de gewelddadigheden in Georgië werden in het Bird’s Nest in Peking de Olympische Spelen geopend. Niet eerder was er op de openingsdag van de Spelen een oorlog begonnen. Van de kant van het IOC bleef het echter opmerkelijk stil. Een veroordeling van het Georgische conflict bleef uit. Een woordvoerder sprak slechts over een ‘trieste realiteit’. Deze terughoudendheid was een duidelijke breuk met de proactieve opstelling van het IOC in de jaren negentig, toen het zich actief inzette voor het bewerkstelligen van een wereldwijd staken van conflicten voor de duur van de Spelen. In 1994 reisde een delegatie van het IOC tijdens de Olympische Spelen in Lillehammer naar Sarajevo. Hier werd getracht om de belegering van de stad door Servische troepen te stoppen. In 1998 droeg een stevige lobby vanuit het IOC er toe bij dat een Amerikaanse luchtaanval tijdens de Spelen op Irak werd afgewend. In de aanloop naar de Olympische Spelen van Sydney in 2000 bemiddelden vertegenwoordigers van de Olympische Beweging in het conflict tussen Noord-en Zuid-Korea, resulterend in deelname van de twee landen onder dezelfde vlag in Sydney.
Ekecheiria
Het vredesideaal is sterk verankerd in de Olympische Beweging. Pierre de Coubertin, de bedenker van de moderne Olympische Spelen, koesterde de overtuiging dat internationale sportcompetities gebruikt moesten worden om vrede te bewerkstelligen. In sport zag hij de belangrijkste vredestichter.2 Coubertin riep sportmensen op om zich in te zetten als ambassadeurs van de vrede.3 Het vredesideaal is nog altijd opgenomen in het Olympic Charter, het handvest van het IOC. Een van de zogenaamde ‘Fundamental Principles’ verwijst naar het onderwerp vrede en het stichten van vrede.4 De Olympische Beweging wil door middel van sport een meer vreedzame en betere wereld creëren en is ervan overtuigd dat sport een rol kan spelen in het oplossen van conflicten.
Aan het begin van de jaren negentig werd het streven naar vrede geconcretiseerd. Op aandringen van de toenmalige voorzitter Juan Antonio Samaranch begon het IOC een internationale lobby waarmee het aandrong op een wereldwijde wapenstilstand voor de duur van de Olympische Spelen. Hiermee greep Samaranch terug op het concept van de Ekecheiria, zoals dat werd toegepast door de Grieken in de klassieke oudheid. Vanaf achthonderd voor Christus werd elke vier jaar, als de Olympische Spelen werden georganiseerd, een staakt-het-vuren overeengekomen. Vanuit Olympia reisden boodschappers naar de verschillende uithoeken van Griekenland om een wapenstilstand af te kondigen, waarna vijandigheden tussen Griekse stadstaten voor een korte periode werden gestaakt.5 Het doel van de overeenkomst was niet om een einde te maken aan oorlogen. De bedoeling was om verstoring van de spelen tegen te gaan. De tijdelijke vrede maakte het voor atleten, pelgrims en bezoekers mogelijk om veilig naar en van Olympia te reizen.6 Dit gebruik hield twaalf eeuwen stand en gedurende deze periode werd het staakt-het-vuren nauwelijks geschonden.
Teruglopende steun
Voorafgaand aan de winterspelen van Lillehammer in 1994 slaagde het IOC erin om de Ekecheiria op de internationale politieke agenda te krijgen. De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties roept sindsdien voor elke zomer- en winterspelen op tot het in acht nemen van de Olympic Truce. Aanvankelijk ging het hierbij daadwerkelijk om een staakt-het-vuren, beginnend op de zevende dag voor de opening tot de zevende dag na sluiting van de Olympische Spelen.8 De interpretatie van de Olympische wapenstilstand veranderde echter drastisch in 2001. Enkele maanden na de aanslagen van 11 september en de daaropvolgende invasie van de Amerikanen in Afghanistan werden in Salt Lake City de winterspelen georganiseerd. De Amerikaanse regering weigerde als organiserend land een VN-resolutie voor te dragen waarin het opriep tot een volledige wapenstilstand voor de duur van de Spelen. Als compromis werd besloten in de resolutie niet langer te spreken over een volledig staakt-het-vuren, maar van ‘Ensuring the safe passage and participation of athletes at the Games.
Die minder verstrekkende formulering is sindsdien telkens gebruikt. De Olympische Beweging heeft als direct gevolg daarvan een terugtrekkende beweging gemaakt. Zichtbare initiatieven als in 1994, 1998 en 2000 worden niet meer ondernomen. De start van de Georgische oorlog op de dag dat de Olympische Spelen in Peking van start gingen, was een bevestiging van teruglopende internationale politieke steun voor een ideaal dat aanvankelijk met veel enthousiasme werd ontvangen.
Invloedrijke speler
Juist stevige ambities, zoals die direct na de lancering van de moderne Olympic Truce-gedachte door de Olympische Beweging werden geformuleerd, zijn nodig om de vredesidealen te realiseren. De Olympische Beweging beschikt over unieke kenmerken die het tot een invloedrijke speler maakt op het internationale diplomatieke podium. In een tijd waarin conflicten zich in toenemende mate niet tussen staten, maar binnen staten afspelen, is voor de Olympische Beweging een belangrijke bemiddelende rol weggelegd. De Olympische Beweging is niet gebonden aan staten of de belangen van staten, maar samengesteld uit internationale sportbonden en nationale federaties. Leden van het IOC, het hoogste orgaan binnen de Olympische Beweging, vertegenwoordigen niet hun land, maar fungeren juist als vertegenwoordigers van de Olympische idealen. Dit maakt het mogelijk om zowel op interstatelijk niveau als binnen staten te opereren. De universele idealen die de beweging nastreeft in combinatie met de globale aantrekkingskracht van sport maken van de Olympische Spelen een forum voor vrede.
In Vancouver worden op 12 februari de Olympische winterspelen geopend. Het ligt niet voor de hand dat op die dag een wereldwijde vrede wordt bewerkstelligd. De Olympische Beweging is het aan haar idealen verplicht om bij die gelegenheid een boodschap voor de vrede de wereld in te sturen.
Paul Steens studeerde politicologie aan de Universiteit Leiden en is thans werkzaam als journalist.